woning van de vennootschap

17-05-2017

Wonen in een woning van de vennootschap en de kosten in aftrek nemen, het kan nog steeds…

 

Tot voor kort werd vrij algemeen aanvaard dat de kosten die een vennootschap maakt om haar zaakvoerder te verlonen steeds aftrekbaar zijn. Men heeft het dan over de “verruimde bezoldigingstheorie”. Die notie staat nu op de helling.

 

Waar gaat het over?

Een vennootschap verwerft een onroerend goed in volle eigendom of in vruchtgebruik en stelt dat (deels) ter beschikking aan de zaakvoerder (en zijn of haar gezin). Voor dat privé gebruik wordt een voordeel alle aard aangerekend in de inkomstenbelasting. De vennootschap op haar beurt boekt de afschrijvingen en de onderhoudskosten ten laste van haar resultaat. Voorheen trachtte de belastingdienst de aftrek van de kosten te verwerpen wegens “niet kaderend binnen het statutaire doel” van de vennootschap. De rechtspraak is daar niet in meegegaan.

De belastingdienst is dan een nieuwe piste ingeslagen door te stellen dat sommige kosten niet in verhouding staan tot de werkelijk door de zaakvoerder geleverde prestaties. Volgens de belastingdienst (en bepaalde rechtspraak inmiddels) mag men er niet automatisch van uitgaan dat de kosten die gemaakt worden om belastbare voordelen te verstrekken (de bewoning van het pand door de zaakvoerder en zijn gezin) automatisch aftrekbaar zijn als beroepskost. Men moet kunnen aantonen dat aan de algemene aftrekvoorwaarden is voldaan. De fiscale wet stelt immers dat om aftrekbaar te zijn de kosten “moeten gedaan of gedragen zijn om belastbare inkomsten te verkrijgen of te behouden”. Volgens het Hof van Cassatie betekent dit dat het toegekend voordeel van de bewoning moet beantwoorden aan werkelijke prestaties die de zaakvoerder levert voor de vennootschap.

Onlangs kwam een zaak voor het Hof van Beroep te Antwerpen waarbij kosten die een doktersvennootschap had gemaakt voor een appartement aan de kust integraal werden verworpen door de belastingdienst. Het Hof onderschrijft die beslissing. Bij gebrek aan enige documentatie van de onderneming van de verloningspolitiek wordt volgens het Hof niet aangetoond dat dat kosten zijn gemaakt met het oog op het vergoeden van de werkelijke prestaties van de arts, zaakvoerder van de vennootschap. Ook in de lagere rechtspraak gaan er steeds meer vonnissen in die richting. Een trendbreuk dus.

Een dergelijk bewijs diende in het verleden niet te worden voorgelegd. Het wordt dus meer en meer noodzaak voor een vennootschap om de aankoop van een onroerend goed te verantwoorden in het kader van het salaris van de zaakvoerder. Vaak gaat het om eenmans- en managementvennootschappen. Dergelijke vennootschappen hebben geen duidelijke HR-lijnen… Bewijsdocumenten zijn vaak niet voorhanden. Het enkele feit dat een vennootschap op jaarbasis een paar honderdduizend euro omzet boekt, overtuigt blijkbaar de belastingdienst en sommige rechters niet dat er hard gewerkt wordt… 

Een moeilijke verantwoording betekent overigens evident niet dat een verantwoording onmogelijk is. Zo zou u kunnen denken aan het vastleggen van een salarispolitiek op papier, ook een salarisaanpassing (lees een vermindering van het uitgekeerde salaris ) na de aankoop van een onroerend goed, werd reeds met succes ingeroepen voor de rechtbank.

 

De discussie beperkt zich overigens niet tot de kosten van een woning, ook de aftrek van kosten voor een auto van de zaak kan op basis van eenzelfde argumentatie worden geweigerd. Dezelfde doktersvennootschap in ons voorbeeld had op haar balans 2 zakelijke auto’s opgevoerd ; een BMW en een Porsche. De belastingdienst was slechts bereid de aftrek van de kosten van 1 auto te aanvaarden (de BMW). Het Antwerpse hof van beroep gaat daarin mee op basis van een zelfde argumentatie. Er lagen geen stukken voor dat de auto’s werden aangeschaft als onderdeel van het salarispakket van de zaakvoerder. Er lagen ook geen stukken voor dat die kosten verantwoord waren in het licht van zijn werkelijke prestaties voor de vennootschap. Het Hof merkt nog zijdelings op dat de werkwijze van de belastingdienst in het voordeel was van de belastingplichtige… ze had immers enkel de kosten van de goedkoopste auto geschrapt… Ons inziens begeeft de belastingdienst zich gevaarlijk dicht bij een ongeoorloofde opportuniteitstoets. Het is aan de belastingplichtige om te beslissen welke kosten nodig of nuttig zijn voor de uitoefening van haar bedrijfsactiviteit, de belastingdienst heeft daar geen oordeel over te vellen. De fiscale wet staat uitdrukkelijk toe dat een vennootschap haar zaakvoerder mag verlonen in natura. Het is niet aan de belastingdienst om te oordelen hoe het salarispakket van de zaakvoerder samengesteld moet zijn, laat staan hoeveel en welke kosten de vennootschap mag maken om haar zaakvoerder te salariëren.

 

Heeft u vragen over dit vastgoedweetje? Wij helpen u graag verder via advies@deboerenpartners.be 

Bron: B&R

Om deze functie te gebruiken dient u ingelogd te zijn.

Deze website maakt gebruik van cookies om uw surfervaring op deze website makkelijker te maken. Meer weten Verder gaan